Nieuws en activiteiten

De Veertigdagentijd

17 februari 2021

Paus Franciscus heeft een boodschap geschreven voor de komende Veertigdagentijd 2021.

"Wij gaan nu naar Jerusalem..." (Mat 20,18) klik om te downloaden

De Veertigdagentijd:
Een tijd om geloof, hoop en liefde te hernieuwen.

1. Het geloof hernieuwen
In deze Veertigdagentijd betekent het: ’t Ontvangen en beleven van de waarheid die zich in Christus geopenbaard heeft, vóór alles het openen van onze harten voor Gods Woord.
Van Woord naar leven.

2. De hoop hernieuwen
De hoop “als levend water”, dat het mogelijk maakt onze levenstocht voort te zetten.
“Levend water”: de Heilige Geest.
Hij is onze pelgrimstocht als een oase in de woestijn.

3. De liefde hernieuwen
De liefde, beleeft in het voetspoor van Christus.
De liefde is de hoogste uitdrukking van ons geloof en onze hoop.
De liefde neemt af door niet lief te hebben, ze vermeerdert door lief te hebben.

Tijdens de eucharistieviering bidden wij in de eerste Prefatie van de Veertigdagentijd:
Wij danken u, Vader, dat Gij uw gelovigen de vreugde gunt om jaarlijks met een zuiver hart naar het Paasfeest op te gaan:
dit is een tijd van meer toeleg op het bidden,
van groter aandacht voor de liefde tot de naaste,
tijd van grotere trouw aan de sacramenten waarin wij zijn herboren.

Mgr. J.G.M. van Burgsteden, s.s.s.

Doopdag Pierre-Julien Eymard

5 februari 2021

Pierre-Julien Eymard werd op dinsdag 5 februari 1811, een dag na zijn geboorte gedoopt. Zijn peter was zijn halfbroer Antoine, zijn meter zijn halfzus Marianne. Pierre-Julien Eymard werd naar de nabijgelegen parochiekerk gebracht en gedoopt door de pastoor, l’abbé Joseph Second. Hier volgt een afschrift van de doopacte uit het parochieregister van La Mure:

“Op 5 februari 1811, heb ik plechtig Pierre-Julien gedoopt, wettige zoon van Julien Eymard, messenmaker, woonachtig in La Mure, en van Marie Pélorse, echtelieden. Hij is de dag ervoor geboren. Zijn peter is Antoine Eymard, zijn broer, en de meter Marianne Eymard, zijn zus. Aldus verklaar ik, met de ondergetekenden.”
              (was getekend) J. Eymard   Joseph Girard Second, pastoor.

In de oude kerk van la Mure, die nu de naam van de patroonheilige Pierre-Julien draagt, wordt de antieke stenen vont bewaard, waarin Pierre-Julien werd gedoopt. Als pater Eymard later in zijn geboortestreek terugkomt, zal hij nooit nalaten de doopkapel van zijn parochie in ere te houden. Wat vierde hij graag de gedenkdag van zijn doop… (André Guitton).

Pater Eymard aan zijn zus en doopmeter op de verjaardag van zijn doopsel:

“Ik kan niet nalaten je vandaag een paar woorden te schrijven. Ik heb voor jou gebeden tot de Goede God; voor onze vader, onze moeder, voor mijn peter. Je raadt wel waarom! Vandaag is voor mij de mooiste en gelukkigste dag van mijn leven: de dag van mijn doopsel.” (5 februari 1846, CO 68)

Geboortedag Pierre-Julien Eymard

4 februari 2021

Pierre-Julien Eymard werd geboren op 4 februari 1811, tegen elf uur in de morgen, in de rue du Breuil, nr 69, in La Mure d’Isère (ca. zestig km ten zuid-oosten van Lyon).  Hij was de oudste zoon uit het tweede huwelijk van zijn vader Julien Eymard. Vader Julien Eymard, messenslijper in La Mure, kreeg in zijn eerste huwelijk zes kinderen waarvan er vier op jonge leeftijd stierven. Alleen Marianne en Antoine blijven over uit dit huwelijk. Hij trouwt opnieuw in 1804, nu met Marie-Madeleine Pélorse. Uit dit tweede huwelijk sterven drie van hun vier kinderen op zeer jonge leeftijd. Pierre-Julien Eymard blijft over en groeit zo samen op met Marianne, Antoine en hun pleegzusje Annette-Bernard. In 1813 moet Antoine in militaire dienst en sneuvelt.

Pater Eymard heeft altijd zijn doopdag als de belangrijkste dag van zijn leven gezien. Hij werd op 5 februari 1811 gedoopt.

Maria Lichtmis

1 februari 2021

Waar is het licht van Maria Lichtmis gebleven? De naam van het feest verwijst naar de lichtprocessie die vroeger direct voor de Mis op dit hoogfeest gelopen werd. Het kaarslicht was een ode aan de reinheid en ongeschondenheid van Maria. Het ritueel van die kaarsenprocessie is helaas verloren gegaan: we hebben die lichtprocessie al decennia lang niet meer buiten gelopen. De processie wordt wel in de meeste kerken gelopen.

Dit hoogfeest werd ooit, met een Griekse term, Hypapante genoemd, wat ontmoeting betekent. Simeon de rechtvaardige, een grijsaard, ontmoet in de tempel in Jeruzalem Maria en het kind Jezus. Maria is, volgens de voorschriften van de Joodse wet, veertig dagen na de geboorte van Jezus naar de tempel gekomen voor de traditionele reiniging van haarzelf en haar boreling, en om het kind, als eerstgeboren zoon, op te dragen aan God. Na de opdracht koopt zij het Kind vrij met vijf shekels, zodat zij het als moeder kan verzorgen en opvoeden tot het moment dat God het kind voor zich zal opeisen. Aan de oude Simeon, die ook in de Tempel is, is door de Heilige Geest beloofd dat hij niet zal sterven voordat hij de langverwachte Verlosser, de Messias, met eigen ogen gezien heeft. Zodra hij het kind Jezus ziet, herkent hij het als de beloofde Messias, en hij slaakt een zucht van verlossing: Laat nu, Heer, Uw dienaar in vrede heengaan, volgens Uw woord. De woorden van zijn loflied klinken op deze dag herhaaldelijk in de kerk: tijdens de communie en tijdens de completen, waar het nog dagelijks als kantiek (loflied) gezongen word, en ook de antifonen van het getijdengebed citeren verzen uit dit loflied. En natuurlijk wordt het loflied gezongen tijdens de lichtprocessie voorafgaand aan de Mis.

De ontroerende ontmoeting van Simeon met de jonge Messias is er een van tegenstellingen. Simeon, de grijsaard, aan het eind van zijn leven, krijgt het jonge Kind in de armen, de Messias waar hij, en met hem het hele Joodse volk, naar uitkeek, de langverwachte Messias die hem uitdrukkelijk beloofd was. Zoals een van de antifonen van het getijdengebed het krachtig uitdrukt: Senex puerum portabat, puer autem senem regebat (de grijsaard droeg het kind, maar het kind regeerde de grijsaard): de oude man draagt de boreling, de Hemelse Koning, die over hem koning is.

Dat de Joodse Wet over de onreinheid na de geboorte strikt genomen niet op Maria van toepassing is – zij is immers onbevlekt ontvangen en eeuwig Maagd – houdt Maria niet tegen toch aan haar verplichtingen volgens de Joodse Wet te voldoen. Zij gaat naar de tempel in Jeruzalem, met het Kind in haar armen, en koopt het Kind vrij met de voorgeschreven offerdiertjes (twee duiven of twee tortels). In de Middeleeuwse heiligenlevens wordt dat gezien als een teken van haar grote nederigheid: zij beroept zich niet op haar uitzonderlijke status.

Dat is een voorbeeld dat ons te denken geeft in deze tijd van kritisch denken, onafhankelijkheid, en individualiteit. Doen wij zonder meer wat er van ons verwacht wordt, of sputteren wij tegen en beroepen wij ons op onze uitzonderlijkheid, onze bijzondere omstandigheden? Ligt een “Ja, maar ík...” ons al snel voor in de mond? Vinden wij dat we, omdat we zo bijzonder zijn, best een stukje de lange weg af mogen snijden? Maria’s bereidheid te leven volgens de Joodse wet lijkt niet van deze tijd. In de traditionele kaarsenprocessie drukken wij haar eeuwige reinheid uit en haar nederigheid. Maria kan ons tot voorbeeld strekken en zij zou ons aan het denken kunnen zetten.

Doop van de Heer

10 januari 2021

Het feest van de Doop van de Heer sluit in de liturgie de Kersttijd af. Nagenoeg altijd wordt het gevierd op een zondag: de zondag na Openbaring des Heren. Samen met Epifanie/Driekoningen en de bruiloft van Kana hoort het bij de drievoudige openbaring van de Zoon van God. Deze gebeurtenissen laten zien Wie Jezus is.

Alle evangelisten vermelden deze gebeurtenis aan het begin van Jezus’ openbare leven. Daaruit volgt al dat we hier met een heel bijzondere gebeurtenis te maken hebben.

Op zich genomen zouden we dit feit kunnen opvatten als een uitdrukking van Jezus’ solidariteit met de zondaars. Hij schaart Zich in de rij van hen die gevolg geven aan de oproep tot bekering die door Johannes de Doper is gedaan. Jezus heeft weliswaar een bijzondere liefde voor de zondaars, maar Zelf is Hij zonder zonde. Johannes wil daarom Jezus tegenhouden (Mt. 3, 14) en hij stemt pas toe om zo alle gerechtigheid en al wat is vastgesteld, te volbrengen. Door zijn doop geeft Jezus reeds aan dat Hij gekomen is als Verlosser om de zonde van de wereld weg te nemen. Hij komt ons juist daarvan bevrijden.

Maar nu gebeurt er iets veel groters dan solidariteit met zondaars. De Allerheiligste Drievuldigheid verschijnt voor het eerst sinds de schepping zintuiglijk waarneembaar op aarde. De stem van de Vader weerklinkt en spreekt Jezus persoonlijk aan; de Zoon staat in het water en reinigt daardoor dit element voor altijd; de Heilige Geest daalt neer in de gedaante van een duif en zweeft weer boven de wateren, net als bij de aanvang van de schepping. Wat een geweldige legitimatie voor Jezus aan het begin van Zijn openbaar leven! Johannes zal alles bevestigen, als oog- en kroongetuige.

Bij ons Doopsel heeft God ook ons aanvaard als Zijn kinderen en vervolgens hebben ook wij de Heilige Geest als Gave ontvangen. Zo gaat dit feest verder in de Sacramenten van onze inwijding tot leden van Gods Volk, de Heilige Kerk.

Vanuit de gebeurtenis van de Doop van de Heer en Zijn openbaring als de Zoon van God kunnen we ook de band leggen met de aanbidding. Nemen we daarvoor het voorbeeld van de kunst. In heel wat van de zogenoemde ‘stralen-’ of ‘zonnemonstransen’ is de gehele Drievuldigheid afgebeeld. We zien er God de Vader en God de Heilige Geest rondom de Heilige Hostie. Zo wordt het opnieuw voor ons duidelijk: Hier is de Zoon, door de Vader en de Heilige Geest gelegitimeerd en één met Hen in majesteit. Hier is het Lichaam en het Bloed van de Heer, dat Hij prijsgegeven en geofferd heeft op het altaar van het Kruis. Hier is de Verlosser van de wereld, Die in het geheim van Zijn lijden, dood en verrijzenis ons in de vriendschap en het kindschap van God heeft hersteld.

Venite, adoremus – Komt, laten wij aanbidden!

6 januari, een vreugdevolle dag!

6 januari 2021

De stichting van de Congregatie van het Heilig Sacrament was op 13 mei 1856 een feit. In de rue d’Enfer (tegenwoordig de Avenue Denfert Rochereau) in Parijs waar pater Eymard zijn eerste huis betrad, deed pater Eymard de eerste plechtige uitstelling van het Allerheiligste op 6 januari 1857.     In verschillende brieven van pater Eymard lezen we over zijn grote vreugde betreffende deze belangrijke dag, bijvoorbeeld in de brief d.d. 19 januari 1857 gericht aan Mme Marguerite Guillot die later samen met pater Eymard de Dienaressen van het Heilig Sacrament stichtte :

“Wat een vreugde betekende de 6e januari voor ons, voor de eerste keer Jezus, onze Koning, zijn liefdestroon te zien bestijgen, door zo’n zeldzame genade zijn aanwezigheid te demonstreren! Mijn hart was te vol om mijn gevoelens te kunnen uitspreken. Ik was bijna stom en sprakeloos van verwondering. Als ik immers denk aan de weg die Jezus is gegaan om hier bij ons te komen en ons zoveel moeilijkheden te laten overwinnen zonder aan ons te twijfelen! Nu ik vandaag zie dat de moeilijkheden overwonnen zijn, ben ik als iemand die in het grootste gevaar heeft verkeerd zonder het te bemerken, want Jezus was in de boot en wij sliepen aan zijn voeten. O. ja, God wil dit Eucharistisch Werk! Alle dagen zien wij hiervan de bewijzen, mits wij aan een zo grote genade beantwoorden!”   (André Guitton)

6 Januari is een belangrijke dag voor de Congregatie. Niet alleen pater Eymard startte op die dag de eerste keer de aanbiddingsdienst, ook de paters in Brussel. Dertig jaar geleden begon de communiteit in Amsterdam op 6 januari voor het eerst met de dagelijkse aanbidding in de Begijnhofkapel. We hebben op het Hoogfeest van Driekoningen een plechtige Eucharistie gevierd uit dankbaarheid voor dertig jaar aanwezigheid van de communiteit van het Heilig Sacrament alhier in de Begijnhofkapel tezamen met de associés. Monseigneur van Burgsteden was hoofdcelebrant.

6 Januari 1952 is ook de stichtingsdatum van het seculier Instituut Servitium Christi. De leden hiervan delen in de spiritualiteit van pater Eymard.

De vreugde die wij in de brief van pater Eymard aan Marguerite Guillot kunnen lezen ervaren wij ook in de Begijnhofkapel. Dagelijks kunnen wij de kapel binnenkomen om daar de Eucharistie te vieren en voor de eucharistische aanbidding.

Openbaring van de Heer (Jaar B) (Mgr. Van Burgsteden)

3 januari 2021

In de Naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.

Matteüs 2, 1-12.

Het is mooi eraan te denken dat de drie Wijzen, de drie Koningen uit het Oosten, de herders, de leerlingen en wij allen iets in gemeenschap hebben: de hemel.

Ja, wij leren naar de hemel te kijken en ook vandaag nemen wij ons voor ons te verwonderen over zoveel schoonheid die wij in de wereld bewonderen: ook het geschapene, ook de sterren verwijzen naar de Heer.

Ook wij zullen zoals die ster kunnen stralen, want wij zijn beeld van God; en deze rol hoort beter bij ons dan bij een ster.

Vandaag moeten wij niet alleen naar de hemel kijken, maar ook in de spiegel kijken om ons te zeggen: wat een schoonheid is er in mij, God heeft zich voor mij niet gespaard.

De Wijzen, op zoek naar God, zullen dit Kind ontmoeten, bewaakt door zijn ouders en zullen niet stilstaan bij de broosheid, zullen niet teleurgesteld (niet ontgoocheld) zijn, maar zullen Het aanbidden en terugkeren naar hun land: zoals ieder mens, die, wanneer hij een schat heeft gevonden, heel zijn huis in zijn vreugde laat delen. Leren wij daarom van deze vreemdelingen: “Mensen die toentertijd vertrokken naar het onbekende […], mensen met een onrustig hart […], mensen in verwachting, die zich niet tevreden stellen met een verzekerd inkomen en hun sociale, mogelijk hoge positie […], mensen die God zoeken.”

Het Kind spreekt nog niet, maar toont zich als licht dat de duisternis (koning Herodes en zijn hofhouding) afwijst.

zijn licht schijnt in de duisternis, maar de duisternis nam het niet aan (Joh.1).

- De geboorte van het Kind Jezus op aarde.
- De ster die de drie Wijzen begeleidt naar Bethlehem.
- Het zien van de ster en dat wij mensen God kunnen zoeken en vinden.
- Dank voor de roeping van aanbidder/aanbidster.
- Dank voor de droom terug te keren naar hun land langs een andere weg.)

Het Kind doet nog geen wonderen, maar nu al wekt zijn koningschap van liefde vrees (angst).

De wijzen zoeken Hem om Hem te aanbidden. Koning Herodes zoekt Hem te doden. Wat een contrast.

Een moment van stilte…

 

1          Dankzegging

God, onze Vader,
wij danken U dat Gij de deur van de hemel ontgrendeld hebt, uw Zoon deed neerdalen op onze aarde om voor ons het licht van ons leven te zijn.

*

God, onze Vader,
wij danken U dat Gij de drie Wijzen uit het Oosten met uw ster hebt begeleid naar het huis van Maria en Jozef met het Kind Jezus.

*

God, onze Vader,

wij danken U dat U met het Hoogfeest van de Openbaring des Heren de deur naar het Heil, Jezus, de Messias, ook geopend hebt voor alle volkeren.

*

God, onze Vader,
wij danken U voor de drie Wijzen, onze voorgangers in Aanbidden, die naar Bethlehem gekomen zijn om uw Zoon Jezus te zoeken, hulde te brengen en te aanbidden.

*

God, onze Vader,
wij danken u voor onze roeping tot aanbidding van U samen met uw Zoon in het voetspoor van de drie wijzen.

*

 

Innerlijk gebed:         

Goede God,
uw goedheid overtreft ver ons voorstellingsvermogen. Uw kinderen die zich van u hebben losgemaakt door hun zonden hebt gij in liefde opnieuw aangenomen door de geboorte en de Openbaring des Heren. Wij danken U voor uw Zoon Jezus, die U aan ons openbaart als God van Liefde, barmhartigheid en trouw.

Door onze Heer, Jezus Christus, uw Zoon, die met u leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest, in de eeuwen der eeuwen. Amen.

 

2          Bekering

 

Verlosser van de wereld,
door uw geboorte heeft God getoond dat Hij getrouw is aan zijn belofte.
Vergeef ons de keren dat wij ontrouw waren aan uw geboden.

*

Verlosser van de wereld,
de engelen kondigen vrede op aarde aan aan de mensen van goede wil.
Vergeef ons de keren dat wij geen mensen van goede wil waren.

*

Verlosser van de wereld,

Maria, uw en onze moeder, bewaarde al uw woorden in haar hart.

Vergeef ons de keren dat wij uw woorden niet hebben opgevolgd.

*

Verlosser van de wereld
als een licht hebt U zich geopenbaard om ons tot kinderen van het licht te maken.
Vergeef ons de keren dat ons gebed en onze daden niet in uw licht gedaan zijn.

*

Verlosser van de wereld,
de drie Wijzen hebben in het Oosten uw ster gezien en reisden onmiddellijk af om U te komen aanbidden.
Vergeef ons de keren dat wij niet meteen naar u toe kwamen om u te aanbidden.

*

 

Innerlijk gebed:         

Verlosser van de wereld, U bent onze aardse tijd binnengegaan en hebt u aan ons geopenbaard. U hebt ons voorgeleefd hoe onze tijd te heiligen tot eer van uw vader. Wij vragen u, schenk ons vergeving voor de keren dat wij onze tijd niet hebben geheiligd tot eer van uw en onze Vader.

Gij die leeft en heerst in de eeuwen der eeuwen. Amen.

 

Lied 206:                   Komt ons in diepe nacht ter ore

 

3          Smeekgebed

God, op het Hoogfeest van de Openbaring des Heren, Driekoningen, nu de Heerlijkheid van uw Zoon over ons is opgegaan, bidden wij tot U: dat de heilige Kerk een licht voor de volkeren mag zijn.
Wij bidden U: Heer, red allen die in nood zijn.

*

Dat de leiders der naties hun onderhorigen niet afhouden van de weg naar het heil.
Wij bidden U: Heer, red allen die omwille van hun geloof vervolgd worden.

*

Dat zij die nog in de duisternis verkeren eens mogen komen om U te aanbidden.

Wij bidden U, Heer, verhoor ons.

*

Dat wij, die de Ster, Jezus, hebben gezien langs de weg van de heiligheid tot de eeuwige aanbidding mogen komen.
Wij bidden U, Heer, verhoor ons.

*

Innerlijk gebed:         

Almachtige God, aanhoor smeekbeden, opdat wij, die voor anderen vol vertrouwen onze gebeden tot U richten, ook zelf als kinderen van het licht in uw waarheid mogen wandelen.

Door Christus, onze Heer. Amen.

 

4          Aanbidding

Eeuwige God en Vader,
Gij zijt van eeuwigheid.
Vandaag gedenken wij de Openbaring van uw Zoon aan drie Wijzen, Koningen.
Zoals zij komen wij U in dit uur onze Aanbidding als geschenk aanbieden.

*

Eeuwige God en vader,
Gij zijt de enige, ware God.
Uw Zoon trok zich vaak in de stilte terug om tot U te bidden.
In dit stille uur verenigen wij ons met het gebed van uw Zoon en met de aanbidding van alle hemelbewoners.      

*

Eeuwige God en Vader,
gij zijt als Allerhoogste alle lof waardig.
Als geroepen en uitverkoren tot de unieke roeping van aanbidding komen wij U onze hulde brengen.          

*

Eeuwige God en vader,
gij zijt het Eeuwig Glorielicht.
Wij aanbidden U die ons, evenals de drie Koningen, geroepen hebt tot uw wonderbaar licht.

*

Innerlijk gebed:         

God gij hebt aan de volkeren door een ster Uw eniggeboren Zoon geopenbaard.Wij bidden U: leid ons die U reeds kennen door het geloof tot de aanbidding van uw Heerlijkheid.

Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon, die met U leeft en heerst in de eenheid van de Heilige Geest in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Lied 610:                    Vernieuw Gij mij, o eeuwig Licht

Homilie Openbaring van de Heer

3 januari 2021

Hoe openbaart Jezus zich in deze tijd?   Jes. 60,1-6   Ef. 3,2-3a.5-6 Mt. 2,1-12

Inleiding
Vandaag komen er in de lezingen Wijzen uit het Oosten naar koning Herodes in Jeruzalem. Zij komen bekendmaken dat er een pasgeboren koning der Joden moet zijn. Zij vestigen de aandacht op de geboorte van Jezus en komen Hem hulde brengen. Hadden wij vrijdag de lokale openbaring van Jezus aan de herders, vandaag is de internationale openbaring van Jezus aan koning Herodes en aan de hele wereld. Hoe wordt Jezus in deze tijd geopenbaard?

Homilie
Doordat de Wijzen de aandacht vestigen op de geboorte van Jezus wordt hij bekend bij koning Herodes en bij de inwoners van Jeruzalem. De Wijzen komen van ver en komen Jezus hulde of eer brengen. Dit terwijl koning Herodes zich door deze aangekondigde koning bedreigd voelt en hem wil doden. Het laat zien welke verschillende gevoelens Jezus bij mensen kan oproepen. Mensen en ook wij kunnen zich op een verschillende manier tot Jezus verhouden.

Wat ik ieder jaar wel bijzonder vind is dat de katholieke redacteuren van ‘de Tijd’, tegenwoordig HP/ de Tijd, ieder jaar rond 6 januari hier in de kapel een Eucharistieviering hebben. Deze redacteuren houden zich zoals altijd bezig met de openbaring van nieuws aan de wereld. Het is bijzonder dat zij deze dag van de openbaring gekozen hebben.

Onze stichter pater Eymard die leefde in het midden van 19e Eeuw in Frankrijk begon bij de opening van een nieuw klooster bij voorkeur op 6 januari met aanbidding.

Voor ons als sacramentijnen is het precies 30 jaar geleden op 6 januari dat wij begonnen zijn met aanbidding hier in Amsterdam in de Begijnhofkapel in 1991.

Wij zijn speciaal naar Amsterdam gekomen voor de Eucharistie, de eucharistische aanbidding en vanwege de traditie van het Mirakel van Amsterdam.

Wij dragen er zorg voor dat er in deze kapel rust en stilte is en een klimaat van gebed en aanbidding. Een oase van rust in het drukke en rumoerige Amsterdam. Nu dan even niet door de Corona. Mensen kunnen hier tot rust komen en zich geestelijk opladen bij de uitstelling van het H. Sacrament.

Wij doen als kapel ook mee met de aanbidding in estafette als kerken van Amsterdam zodat er bijna dagelijks aanbidding mogelijk is op verschillende plaatsen. Waarom komt u niet eens naar deze kapel voor de aanbidding? U zult dan de rijkdom ervaren die deze aanbidding met zich meebrengt. Het is in contact treden met het mysterie van ons geloof. Dat is niet in woorden uit te drukken dat is een ervaring.

 Jezus openbaart zich nog steeds en speciaal in de aanbidding van het heilig Sacrament. Ik word iedere keer opnieuw geraakt door de kracht die hiervan uitgaat. Het gebed helpt mij om zelf niet voortdurend voor Jezus te werken maar Jezus in mij te laten werken.

Onze stichter pater Eymard zei dat hij niet alleen maar bezig moest zijn om harten voor Jezus te winnen maar ook zijn eigen hart aan Jezus moest geven. Hoe zit het met uw hart? Hebt u het al aan Jezus gegeven?

Pieter van Wijlick sss

Hoogfeest van de Heilige Maria, Moeder van God

1 januari 2021

Op 1 januari, de eerste dag van het nieuwe jaar, vieren wij het hoogfeest van Maria, de Moeder van God. Dit hoogfeest valt op de octaaf van Kerstmis, en de antifonen van het getijdengebed verhalen dan ook weer over de geboorte van Christus, onze Verlosser: Ecce Maria genuit nobis Salvatorem (Zie, uit Maria is onze Verlosser geboren). In de Magnificat-antifoon van de vespers van deze dag wordt Christus zelf aangesproken: Beatus venter qui te portavit, Christe (Gezegend de schoot die U droeg, Christus). Een van de antifonen vergelijkt haar eeuwig maagdelijke schoot met het brandende braambos dat Mozes zag en dat niet verbrandde: Rubum quem viderat Moyes incombustum, conservatem agnovimus tuam laudabilem virginitatem, Dei Genitrix, intercede pro nobis) (Zoals de braamstruik die Mozes zag niet verbrandde, zo weten wij Uw prijzenswaardige maagdelijkheid behouden, Moeder van God, bid voor ons).

Het is niet alleen, hoe miraculeus ook, de eeuwig maagdelijke schoot van Maria, die voor ons belangrijk is. Het is vooral haar Moederschap, haar wonderbaarlijke, verlossende Moederschap, dat vol overgave is: als Moeder van Christus is zij ook Moeder van de kerk, en daarmee Moeder van ons allemaal.

Middeleeuwse afbeeldingen laten ons zien hoe Maria het zojuist geboren Christuskind aanbidt. We zien de allesoverheersende moederliefde die iedere moeder voor haar kind voelt, we zien hoe Maria vervoerd is door het wonder van de geboorte van het Kind, maar daarnaast zien we ook de overgave van Maria, met hart en ziel, willens en wetens (Zie, de dienstmaagd des Heren; mij geschiedde naar Uw woord) aan de miraculeuze taak die haar ten deel is gevallen: de zorg voor de zo oneindig kwetsbare Verlosser, de Messias, de Koning van alle volkeren. Zo behoedt, beschermt en bemint Maria het Kind, en zo troost en beschermt ze ook óns in onze kwetsbaarheid, onze verlorenheid, onze pijn. Zoals wij vroeger als kleine kinderen troost zochten bij onze moeder als we verdriet of pijn hadden, en er volledig op vertrouwden dat moeder onze pijn en verdriet en angst zou wegnemen – we wisten zeker dat we bij haar veilig waren, dat zij onze wereld weer heel zou maken – zo kunnen we ook nu, als volwassenen onze toevlucht nemen bij Maria, de Moeder van God. Wees gegroet, Maria, vol van genade, de Heer is met U... Wij kunnen onze Moeder nu, net als vroeger onze moeder, alles toevertrouwen. Wij kunnen bij haar komen in onze onvolmaaktheid, met al onze fouten en twijfels, kwetsbaar als kinderen, en zij troost ons als Moeder.

Maria is de gezegende onder de vrouwen, maar in de perfecte, gezegende smetteloosheid van haar moederschap is zij ook zeer menselijk, en ons daarin zeer nabij. Wij zien haar huilend, verscheurd van verdriet, handenwringend, onder het kruis staan waaraan haar Zoon hangt. Het is het ontroostbare verdriet van een moeder die haar zoon ondragelijk lijden ziet ondergaan, het verzengende verdriet om de dood van haar Zoon. Zij is ons daar zeer nabij. Haar menselijke verdriet kunnen wij meevoelen, en het brengt ons dichter bij haar Zoon, onze Verlosser. Waar Christus misschien onbereikbaar blijft als mysterie en als Rechter en Koning, daar staat Maria als mens en moeder naast ons, onder het Kruis. In haar verdriet neemt zij deel aan ons eigen lijden, en wij aan het hare. Een grotere troost is er niet: zij is onze Troosteres.

Wij bidden haar, met een gebed uit de derde eeuw dat nog steeds in het getijdengebed gezongen wordt: Sub tuum præsidium confugium, Sancta Dei Genitrix; Nostras deprecationes ne despicias in necessitatibus nostris, sed a periculis cunctis libera nos semper, Virga gloriosa et benedicta. Amen. (Tot Uw bescherming nemen wij onze toevlucht, Heilige Moeder van God; wijs onze smeekbeden niet af als wij in nood zijn, maar verlos ons uit alle gevaren, gij glorierijke en gezegende Maagd. Amen.)

En wij groeten haar: Wees gegroet, Maria, vol van genade....

 

Feest van de Heilige Familie

27 december 2020

Dierbare broeders en zusters,

Hoe veel betekend is dat in de dagen van Kerstmis juist nu een zondag gewijd wordt aan het gezin.

Jezus is geboren in een gezin. Ook wij zijn allen in een gezin geboren. Dat het gezin vandaag centraal gesteld wordt is prachtig. God koos precies en wel overwogen het gezin om daarin zijn Zoon Jezus te laten geboren worden. Het gezin lijkt immers op de familie van God in de hemel waar Vader en Zoon met de heilige Geest een werkelijke familie vormen, waar de liefde circuleert tussen hun Drieën, waar ze leven in de liefde onder elkaar, constant.

God de Vader koos een moeder en vader voor zijn Zoon uit. Hij bereidde hen voor en vormde hen vooraf om uitmuntende ouders te worden voor zijn Zoon. Zijn liefde liet niets aan het toeval over. Alles moest optimaal zijn voor zijn Zoon voor zijn geboorte.

God bereidde Maria voor om moeder te worden voor Jezus. Hij bekleedde haar met de mantel van zijn eigen schoonheid, onbevlektheid, zijn maagdelijkheid. Hij vormde haar tot een moeder die zijn woorden overwoog in de stilte van haar hart en eruit leefde. Hij legde in haar hart de afstraling van zijn eigen liefde: een liefde die Jezus zou beminnen met heel haar ziel, met heel haar hart, heel haar verstand en al haar krachten. Maria beminde Jezus bij alles tot onder het kruis, waar “een zwaard haar hart doorboorde” (Lucas 2, 35).

En Maria zou de naaste beminnen als haarzelf. Denken we maar aan haar exclusieve liefde voor haar bruidegom Joseph, voor haar nicht Elisabeth, voor het bruidspaar, het aanstaande gezin in Kana, aan de roeping die Jezus aan haar zou toe vertrouwen: moeder worden van de Kerk. Bij deze nieuwe roeping gaf Jezus haar de maat van Zijn liefde voor alle mensen en voor heel de schepping. God vormde haar en bereidde haar voor om moeder te worden van haar Zoon, Jezus, en moeder van alle mensen.

Dierbare broeders en zusters,
God bereidde ook Joseph voor en vormde hem vooraf om Hem te vervangen als vader voor zijn Zoon tijdens zijn verblijf op aarde. Joseph was verloofd met Maria zijn bruid. Maar voor ze gingen samenwonen verscheen God door de engel Gabriël aan Maria. De engel boodschapte aan Maria dat zij moeder zou worden van Jezus.

Maria zal als eerste met haar aanstaande bruidegom over de verschijning en de boodschap van de engel hebben gesproken. Joseph, haar man, was rechtschapen en wilde Maria niet in opspraak brengen. Hierop was hij al door God voorbereid.
“En terwijl hij overwoog in stilte van Maria te scheiden verscheen hem een engel van de Heer die tot hem sprak: “Wees niet bevreesd Maria, u vrouw, tot u te nemen.”
“Ontwaakt uit de slaap deed Joseph zoals de engel hem bevolen had en nam zijn vrouw tot zich.”
Joseph was rechtschapen: hij luistert naar de engel van God.

Een tweede verschijning van de engel van de Heer in een droom aan Joseph: Na het vertrek van de drie Wijzen uit het Oosten verschijnt opnieuw een engel van de Heer in een droom aan Joseph: “Sta op, neem het Kind en zijn moeder en vlucht naar Egypte”. Hij stond op en week in de nacht met het Kind en zijn moeder naar Egypte uit.
Wat zien wij hier: Joseph laat zich in zijn roeping als voedster-vader volmaakt leiden door God. Dit is het echte vaderschap: vaders die zich bij hun roeping als vader volkomen laten leiden door God. God is Vader van allen, allen zijn Zijn kinderen.

Een derde verschijning van de engel van de Heer aan Joseph: “Nadat Herodes gestorven was verscheen in Egypte een engel van de Heer aan Joseph en zei: “Sta op, neem het Kind en zijn moeder en trek naar het land Israël”. Hij stond op, nam het Kind en zijn moeder en ging naar het land Israël.
“Hij stond op”: Opvallend hoe direct Joseph na de stem van de engel Gods gehoord te hebben meteen doet wat God van hem vraagt.

De vierde verschijning: “Toen Joseph hoorde dat de zoon van Herodes over Judea heerste, vreesde Joseph daar heen te gaan; van Gods wege in een droom ingelicht, begaf Joseph zich daarom naar het gebied van Galilea.

De heilige Joseph: een vader die vertrouwde op de almacht en liefdevolle voorzienigheid, open voor de wil van God en zijn stem. Een vader vol toegewijde zorg en liefde voor zijn vrouw en Kind. Een vader met een grote verantwoordelijkheid en trouw aan zijn roeping. In één woord: rechtschapen.

Dierbare broeders en zusters,
Vandaag vieren we de Heilige Familie, Jezus, Maria en Joseph, beschermers van elk huwelijk en gezin. Zij openbaren hoe God het gezin geschapen heeft: beeld en gelijkenis van zijn eigen leven, het leven van de Triniteit.

Maria en Joseph trekken zich het wel en wee van elk gezin aan. Geen enkel gezin valt uit hun liefde, zij zijn vader en moeder van de huisgezinnen in opdracht van God.
Laten ook wij dagelijks onze toevlucht nemen tot hen, opdat ook door ons geen enkel gezin buiten onze liefde valt.
Roepen wij Maria aan onder de titel: Koningin van het Gezin en Joseph onder de titel: Steun van het huisgezin.

Heiligverklaring Pierre-Julien Eymard op 9 december 1962

9 december 2020

Nadat Pierre-Julien Eymard op 12 juni 1925 zalig werd verklaard door paus Pius XI, is hij op 9 december 1962, op het einde van de eerste zitting van het 2de Vaticaans Concilie, in de Sint-Pieter, door paus Johannes XXIII heilig verklaard. Naast Pierre-Julien Eymard werden ook de volgende twee Italianen heilig verklaard: Antonio Maria Pucci (1819-1892), een Italiaanse priester en religieus van de Orde van de Servieten van Maria en Francesco Maria de Camporosso (1804-1866), broeder van de Orde der Minderbroeders Kapucijnen.

Een grote menigte Concilievaders en vele gelovigen (waaronder veel religieuzen en leken van verschillende Ordes en Congregaties) zijn hiervan getuige. Grote vaandels waarop de drie heiligen staan afgebeeld sieren de voorgevel en het interieur (zie foto’s).

Paus Johannes XXIII zegt in zijn homilie het volgende over Pierre-Julien Eymard: “Naast een Vincentius a Paolo, een heilige Johannes Eudes, een pastoor van Ars, neemt Pierre-Julien Eymard vandaag een plaats in, in de rij van schitterende sterren die de eer en de roem betekenen van hun geboorteland, maar waarvan de zegenrijke invloed zich veel verder uitstrekt in heel de Kerk. Zijn wezenskenmerk, de richtlijn voor al zijn pastorale activiteiten was, kan men stellen, de Eucharistie: de verering en het apostolaat van de Eucharistie.” (André Guitton)

Onbevlekte Ontvangenis van de heilige Maagd Maria, de moeder van kind Jezus.

8 december 2020

De boodschap van de engel Gabriël aan Maria.
De engel Gabriël begroet Maria:
“Verheug u, begenadigde, de Heer is met u”:
​Maria moet een heel bijzonder moment hebben beleefd in haar hart.
​Wij kunnen het niet beschrijven, alleen maar vermoeden in stilte.
De engel Gabriël, dit aanvoelende, stelt haar gerust: “Vrees niet, Maria want gij hebt genade gevonden bij God”.
Deze geruststelling horen we Jezus herhalen aan zijn leerlingen bij vele vreesachtige momenten: “Vrees niet Ik ben het”.
Maria fluistert het vaak in onze oren als wij in verwarring raken: “Vrees niet. Ik ben je moeder.”

De engel vervolgt zijn boodschap: “Hij zal groot zijn en Zoon van de Allerhoogste genoemd worden”.
Welke weerklank zouden déze woorden in het hart van Maria hebben gehad! Ook dit is onbeschrijfelijk. Wij kunnen ze alleen in stilte met Maria beluisteren.

“De heilige Geest zal over u komen en de kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen”.
Onvoorstelbaar groot is deze werkelijkheid. De Triniteit is betrokken bij de Menswording:
God de Allerhoogste; Jezus, de nederdalende; de Heilige Geest, de overschaduwing.
Wij denken aan: Wij groeten U: Maria, dochter van God de Vader
​​Wij groeten U: Maria, moeder van God de Zoon
​​Wij groeten U: Maria, bruid van de Heilige Geest.
Nu zegt Maria: “Zie de dienstmaagd des Heren”. Zij stemt in. Haar roeping gaat in vervulling: Moeder van God.

Vervuld van de Heilige Geest roept Elisabeth met luider stem uit: “Waaraan heb ik het te danken dat de moeder van de Heer naar mij toekomt”.
Opnieuw de aanwezigheid van de Triniteit, nu in het huis van Elisabeth:
“Vervuld van de Heilige Geest, “
​​“De moeder van de Heer, mijn God”
​​“Gezegend is de vrucht van uw schoot, Jezus”.

Christus geboorte
“De herders haastten zich naar Bethlehem en vonden Maria en Jozef en het pasgeboren Kind, dat in de kribbe lag. Zij maakten bekend wat hun over het Kind gezegd was: “Heden is u een Redder geboren.”
Maria bewaarde al deze dingen in haar hart”.
Haar hart wilde voor haar Eerstgeborene alles wat een moeder kan geven. Het wordt verijdeld door de volkstelling, doordat er geen plaats was in de herberg. Zij doorstaat het in stilte. “Haar ziel zal door een zwaard worden doorboord”.

Maria, onze moeder, in alle wederwaardigheden en vreugden, als wij in verwarring raken.
“Vrees niet, ik ben je moeder”. Wij kunnen het niet beschrijven, de aanwezigheid van Maria, alleen maar ervaren in de stilte.

Mgr. J. G. M. van Burgsteden sss.

Tweede zondag van de Advent (Jaar B)

6 december 2020

Vandaag begint God. Hij zegt: “Troost, troost toch mijn stad Jeruzalem, spreek haar moed in”.

Geen belofte meer die wacht op haar vervulling, maar zich nu vervult: “Uit Sion, de volschone, straalt zijn luister. Hij nadert, onze God”.

God houdt zijn belofte. “De Heer talmt niet met zijn belofte”.

Maar hoe zullen wij ons voorbereiden op deze nabije komst?

Voor de Messias, Jezus, gaat als bode Johannes de Doper vooraf. Hij geeft ons het antwoord op onze vraag: Hoe ons voorbereiden? “Bereidt de weg van de Heer, maakt zijn paden recht”. Hij die tweeduizend jaar geleden de geschiedenis is binnengetreden wil nu binnentreden in óns leven. Maar op de weg naar ons innerlijk liggen obstakels: “Elk dal moet gevuld, elke berg en heuvel geslecht, alle oneffenheden vlak worden”. Wat zijn die hindernissen die het binnentreden van Jezus in ons leven in de weg kunnen staan? Het zijn de verlangens die in ons hart opkomen en die niet overeenstemmen met de wil van God. Door deze verlangens raken wij van de weg af. Opnieuw kiezen voor de rechte weg, voor de wil van God met ons, met jou.

Maria is ons hierin voorgegaan: “Zie de dienstmaagd des Heren, mij geschiedde naar uw Woord”. Zij is dienstbaar aan het heilsplan van God met de mensenfamilie.

Ook Johannes de Doper is dienstbaar aan het heilsplan van God met de mensenfamilie. Met het doopsel van bekering baant hij een weg voor de komende Messias en Verlosser. “Heel de landstreek Judea en alle inwoners van Jeruzalem trokken naar hem uit, en lieten zich door hem dopen in de rivier de Jordaan, terwijl zij hun zonden beleden.”

Hoe ons voorbereiden?

“Bereidt de weg voor de Heer, maakt zijn paden recht”. Ons losmaken van verlangens die niet overeenkomen met de weg naar God, met zijn wil, ons losmaken van onze egoïstische verlangens. Het pad van de liefde opgaan, het pad van de dienstbaarheid aan het heilsplan van God zoals Maria, zoals Johannes de Doper. De liefde tot God, tot elke naaste maakt ons dienstbaar aan het heilsplan van God met zijn mensenfamilie. Johannes de Doper beschrijft zijn dienstbaarheid met een vergelijking: “Ik ben niet waardig mij te bukken en de riem van zijn sandalen los te maken”. Dit was een taak van een slaaf. Ook hierin gaat Johannes de Doper vooraf aan Jezus. Ook Jezus gaat het pad van de liefde op: “Mijn spijs is het de wil van de Vader te doen”. “Niet mijn wil, maar Uw wil”. Jezus wast de voeten van zijn leerlingen, een taak van een slaaf die de voeten van zijn meester en heer waste. Het pad van de liefde van de dienstbaarheid aan het heilsplan van God.

Advent: een heerbaan effenen voor de Messias door dienstbaar te zijn aan zijn heilsplan voor de mensenfamilie.

 

Sint-Nicolaas van Myra, patroonheilige van de stad Amsterdam

De Heilige Nicolaas zou geboren zijn rond 260 in Patara (Turkije) en zijn gestorven op 6 december 341. Hij was bisschop van Myra, dat destijds in het Byzantijnse Rijk lag, in het huidige Zuidwest-Turkije. Na zijn dood werd hij beroemd om de wonderen die hij zou hebben verricht. Ongeveer tweehonderd jaar na zijn dood werd Nicolaas heilig verklaard. Uit zijn leven zijn geen historische feiten bekend, behalve dat hij deelnam aan het Concilie van Nicea in het jaar 325. In het Oosten werd hij al in de 6de eeuw vereerd, in Rome en Italië in de 9de eeuw, waarna zijn roem omstreeks het jaar 1000 ook tot over de Alpen doordrong.

In 1087 dreigden de Turken Myra te veroveren. In christelijk West-Europa wilde men de overblijfselen van de heilige niet in ‘heidense’ handen laten vallen. Zeelui uit de Zuid-Italiaanse stad Bari voeren in het geheim naar Myra en roofden de beenderen van de Heilige Nicolaas, beschermheilige van zeelieden en havensteden. Zijn overblijfselen liggen nu in de kathedraal van Bari, alwaar hij wordt vereerd door de inwoners van deze havenstad en door vele toeristen. Nadat de heilige daar zijn laatste rustplaats had gevonden, verspreidde zijn populariteit zich naar Nederland en de rest van West-Europa.

Ook in Amsterdam komt men de Heilige Nicolaas op vele plekken tegen, met name in de drie Nicolaaskerken in de binnenstad. Nadat Amsterdam kort na 1300 stadsrechten had gekregen en uitgroeide tot een stad waar de handel bloeide, was het tijd voor een eigen beschermheilige. Voor een stad die het met name van de handel en de zeevaart moest hebben, kwam er eigenlijk maar één heilige in aanmerking: Nicolaas, patroonheilige van zee- én kooplieden. De huidige Oude Kerk, toen nog een katholiek kerkje, werd aan hem gewijd. Bij de Alteratie van 1578 kregen de protestanten de beschikking over dit kerkgebouw, en de katholieken weken uit naar een schuilkerk aan de Oudezijds Voorburgwal, nu bekend als ‘Ons’ Lieve Heer op Solder’. Dit zolderkerkje werd beschouwd als opvolger van de oude Nicolaaskerk. Pas na 1796 mochten katholieken weer openlijk hun godsdienst belijden en konden ze weer echte kerken bouwen. In 1887 was de nieuwe Nicolaaskerk, tegenover het Centraal Station, de derde aan de Heilige Nicolaas gewijde kerk in Amsterdam, een feit.

De vele wonderverhalen die na zijn dood over zijn leven ontstonden, maakten Nicolaas tot beschermheilige van niet alleen zee- en kooplieden, maar ook van ongehuwde vrouwen, prostituees en kinderen. De meest gangbare voorstellingen van de Heilige Nicolaas tonen hem in bisschoppelijk ornaat, met een anker, met drie gouden ballen op een boek, of met drie kinderen in een kuipje aan zijn voeten, verwijzend naar de volgende legendes:
-Het anker: de Heilige Nicolaas werd patroon van zeevaarders door de vele wonderverhalen over zijn bijstand aan schippers in nood.
-De drie gouden ballen herinneren aan het verhaal hoe de heilige nog vóór hij bisschop werd, drie dochters van een verarmde edelman voor een schandelijk leven behoedde door het voor een eerzaam huwelijk benodigde geld (bruidsschat) door het venster van hun vaderlijk huis naar binnen te werpen. Zo voorkwam hij dat zij als prostituees moesten gaan werken. Dit maakte hem tot beschermheilige van ongehuwde meisjes en prostituees.
-De drie kinderen in het kuipje zouden door een gewetenloze herbergier vermoord zijn, in stukken gesneden en in een vat gepekeld. De heilige Nicolaas werd door een engel van dit schandelijk misdrijf op de hoogte gebracht; hij begaf zich naar de boze herbergier en wekte door zijn gebed de drie knapen weer ten leven op. Zo werd de Heilige Nicolaas beschermheilige van de kinderen.

In de Basiliek van de Heilige Nicolaas is hij goed vertegenwoordigd. Op de voorgevel staat een drie meter hoog zandstenen beeld van Nicolaas die over de stad heen kijkt. Binnen bij het altaar staat een groot bronzen beeld van de heilige, en in de linker transeptarm is hij te zien op een Russische icoon (uit de bouwtijd van de kerk). Op 14 februari 2021 wordt bij deze icoon een reliek geplaatst met gebeente van de heilige. Mooi zijn de muurschilderingen van Jan Dunselman boven in het middenschip; als een stripverhaal wordt daar een reeks Nicolaas-legendes uitgebeeld.

Ook in de Begijnhofkapel staat de patroonheilige van Amsterdam: links boven de toegang tot de Zusterkapel zien wij een 18de eeuws beeld van de kindervriend met de drie kinderen aan zijn voeten die hij uit de vleeskuip redde.

En dan is er op de Dam nog de 16de eeuwse gevelsteen van Sinter Claes. Jaarlijks staan daar bij de intocht van de goedheiligman honderden kinderen naar hem te zwaaien. Een geliefde heiligman, die volgens de legendes zoveel goeds heeft gedaan. Wat heeft Amsterdam een mooie patroonheilige!

Eerste zondag van de Advent in het jaar B

We stappen met de Liturgie op deze zondag de Advent binnen. Tegelijk begint het nieuwe liturgisch jaar B. We lezen in de evangelielezingen van de zondagen steeds uit het Marcusevangelie. Vreemd genoeg is de evangelielezing vandaag genomen uit het hoofdstuk dat vooraf gaat aan het Laatste Avondmaal van Jezus. We horen Hem spreken over waakzaamheid. Dit heeft de Kerk zo gekozen met het oog op de komst van de Heer. We gaan ons immers voorbereiden op Kerstmis, de komst van Jezus op aarde. Liturgie is echter geen geschiedenisles. In het heden leven we in een tijd van verwachting op de zogenaamde wederkomst van de Heer aan het einde van de tijd. We mogen dit zien als voltooiing van Gods heilsplan. God heeft alles gegeven in de schepping en in zijn Zoon Jezus Christus. Waakzaamheid is geboden omdat de grote liefde die de Heer heeft nagelaten tijdens het Laatste Avondmaal en in zijn lijden, dood en verrijzenis vragen om antwoord. Wat we er mee gedaan hebben komt bij die wederkomst aan het licht.

De profeet Jesaja riep in zijn tijd op tot waakzaamheid. In een prachtig gebed belijdt hij de misdaden van zijn volk Israël. Tevens belijdt hij het geloof in Gods barmhartigheid. Het beeld dat de profeet gebruikt is heel diep. “Gij zijt de boetseerder. Wij zijn slechts het werk van uw handen. Blijf niet eindeloos op ons vertoornd… zie op ons neer, wij zijn uw volk” (Js. 64, 7) We zien het voor ons. De klei in de handen van de boetseerder verliest de vorm die bedoeld was. Jammer dat wel maar de klei laat zich opnieuw kneden om het tot een vorm te maken die wel voldoet. Een christen hoeft daarom niet in één keer volmaakt te zijn maar wel kneedbaar in de handen van God. Wellicht nu in deze pandemie meer dan voorheen.

Steun de congregatie

Wilt u de congregatie in stand houden, steun ons door middel van een donatie op NL63ABNA0615824102 t.v.v. Congregatie van het heilig Sacrament.

PATER AAD VAN RUITEN SSS VIERT 25-JARIG PRIESTERJUBILEUM

Aad van Ruiten sss, pater sacramentijn en parochie-vicaris van De Papegaai, vierde op 26 februari dat hij 25 jaar geleden door wijlen hulpbisschop mgr. Jos Lescrauwaet priester is gewijd. Die wijding had plaats in de Begijnhofkapel. Het zilveren jubileum begon met een Eucharistieviering in de H. Marcuskerk in Nieuw-West. In zijn overweging citeerde mgr. Jan van Burgsteden sss mgr. Lescrauwaet die destijds tegen pater Van Ruiten had gezegd: "Hou van de mensen en bid veel" - een kernachtige samenvatting van een pater sacramentijn, aldus mgr. Van Burgsteden. Na de Mis werd het jubileum voortgezet in een belendende zaal met een receptie en een buffet.

Bisschop-coadjutor mgr. Jan Hendriks feliciteert pater Van Ruiten.

BOEK OVER MGR. JAN VAN BURGSTEDEN GEPRESENTEERD

Op vrijdag 18 januari is in de pastorie van de Begijnhofkapel het boek Jan van Burgsteden – Bisschop voor de mensen gepresenteerd. Emeritus-hulpbisschop mgr. Van Burgsteden is zestig jaar pater sacramentijn. Voor het door Adveniat uitgegeven boek had auteur Christian van der Heijden een aantal interviews met mgr. Van Burgsteden. Adveniat-directeur Leo Fijen schreef het voorwoord, en karakteriseert de bisschop met de woorden: “Sjouwer voor het geloof, verbinder in de oecumene, dienstknecht voor de Heer en bisschop voor de mensen.” Fijen overhan­digde het eerste exemplaar aan mgr. Van Burgsteden, in aanwezigheid van de schrijver. Het boek kost 18,95 euro. Zie ook de website van Adveniat.

V.l.n.r mgr. Van Burgsteden, Christian van der Heijden en Leo Fijen